| Wanneer Papageno Pamina vindt, wordt zij
vastgehouden door Monostatos, een bewaker van Sarastro. Deze is erg
gemeen tegen haar en zegt, dat hij haar haat. Pamina en Papageno
proberen te vluchten en bijna is het dankzij de toverbelletjes van
Papageno gelukt wanneer ze Sarastro tegen het lijf lopen. Deze
blijkt best aardig en zegt, dat hij het goed met Pamina voor heeft,
maar dat Tamino eerst zal moeten bewijzen, dat hij echt van Pamina
houdt en haar waard is. Hun liefde zal zwaar op de proef gesteld
worden en wanneer ze dat doorstaan zullen ze mogen trouwen. Al
hebben ze elkaar net ontmoet, ze moeten toch weer afscheid van
elkaar nemen.
Als eerste krijgen Tamino en Papageno de opdracht om met geen
enkele vrouw te spreken. Dat valt vooral de babbelzieke Papageno
vies tegen, zeker wanneer de drie hofdames hem met hun geroddel van
de wijs proberen te brengen. Maar toch slagen de twee vrienden erin
te zwijgen.
De koningin van de Nacht dringt het Zonnerijk binnen en wanneer
ze van Pamina hoort, dat Tamino zich met Sarastro heeft ingelaten
wordt ze woest. Ze beveelt Pamina om Sarastro te doden, omdat ze hem
haat. Als Pamina dit niet doet zal haar moeder haar verstoten.
Pamina is ten einde raad en wanneer ze Tamino tegenkomt en om
hulp vraagt, zegt hij niets tegen haar. Zij weet niet, dat dat één
van de beproevingen is en ze denkt, dat hij niet meer van haar
houdt. Bijna wil ze een einde aan haar leven maken, maar ze hoort
net op tijd, dat Tamino wèl van haar houdt en dat ze met hem zal
trouwen. Ze gaat opnieuw op zoek naar hem en besluit niet meer van
zijn zijde te wijken.Samen komen ze voor de laatste beproeving te
staan: een muur van water en vuur. Pamina herinnert Tamino aan de
toverfluit en met behulp van het prachtige fluitspel lopen ze veilig
door het vuur en water naar de overkant. Ze mogen de tempel van het
Zonnerijk binnen en met elkaar trouwen.
Ook met Papageno loopt het goed af: hij vindt een allerliefste
Papagena.
En de koningin en haar gevolg?
Wanneer ze een laatste poging doen om de tempel met hun haat binnen
te dringen beseffen ze te laat te zijn: de liefde tussen Pamina en
Tamino overheerst er al en de haat wordt niet meer gevoeld. De
koningin van de Nacht, de hofdames en Monostatos verdwijnen als
sneeuw voor de zon. |